Home

Handboek toegankelijkheid publieke gebouwen

Verder Bladeren
Naar Top
Terug Bladeren
 
 
 

Toilet in een notendop

Aanbevelingen:

Een rolstoeltoegankelijk of aangepast toilet.

  • Per sanitair blok minimum één aangepast toilet voorzien, zowel één bij de dames als één bij de heren.
  • Afmetingen van het aangepast toilet zijn afhankelijk van de inrichting en van het aantal  transferzijden
  • Minimum één vrije draairuimte in de ruimte, best bij alle toestellen
  • Opstelling toiletpot:
    • Transferruimte:
      • Minimum 90cm vrije ruimte naast de toiletpot
      • Minimum 120cm vrije ruimte voor de toiletpot
    • Diepte toiletpot minimum 70cm
    • Vrije doorgang voorzien van minimum 90cm tussen de toestellen
  • Deur steeds naar buiten draaiend
  • Afwerking:
    • Een vaste greep of beugel aan de gesloten zijde van de toiletpot
    • Een opklapbare beugel(s) aan de transferzijde(s) van de toiletpot
    • Accessoires bereikbaar en bruikbaar vanaf de toiletpot
    • Kleurcontrast tussen toestellen en omgeving
    • Voorzie een handwastafel:

Regelgeving:

Art. 8, 12, 30 en 31 van de ‘Stedenbouwkundige Verordening betreffende Toegankelijkheid’ hebben betrekking op het aangepast toilet.

Lees artikel 12.

Lees artikels 29/2, 30 en 31.

 
 
 

Eenzelfde aanbod voor iedereen

Een toilet installeren die toegankelijk en bruikbaar is voor ieders wensen en noden is in de praktijk vrijwel onmogelijk. Toch kunnen we ervoor zorgen dat ook aan personen met een beperking voldoende gebruikscomfort geboden wordt.

Een toiletruimte die bereikbaar en bruikbaar is voor een grote groep mensen, ook voor rolstoelgebruikers,  wordt een ‘aangepast toilet’ genoemd. Ruimtelijk gezien zal vooral de rolstoeltoegankelijkheid bepalend zijn.

Personen die aangewezen zijn op een ruimer, aangepast toilet moeten op dezelfde plaats terecht kunnen als personen die van een ‘regulier’ toilet gebruik maken. Een geïntegreerde oplossing, het aangepast toilet integreren in elk sanitair blok, zowel bij mannen als bij vrouwen, is daarom de meest aangewezen oplossing.

Hierdoor kan iedereen gebruik maken van deze ruimte en wordt vermeden dat personen met een beperking verschillend behandeld worden.

Voor een goede en snelle herkenbaarheid van het aangepaste toilet wordt op de buitenzijde van de deur onder andere een rolstoelsymbool aangebracht

 
 
 

Minimum oppervlakte van de ruimte

De minimale oppervlakte van een aangepast toilet is afhankelijk van de gebruiksruimte die een rolstoelgebruiker nodig heeft.

Voor de dimensionering van de ruimte worden aan de opstelling van de toestellen gebruiksruimtes gekoppeld. Naargelang de keuze van type en de plaats van de toestellen kunnen verschillende afmetingen voldoen.

Enkele voorbeelden van minimale afmetingen (na afwerking) van een goed bruikbaar aangepast toilet:

  • Indien een toilet voorziet in één zijwaartse transferzijde:
    • 165 (B) x220 (D) cm
  • Indien een toilet voorziet in twee zijwaartse transferzijden:
    • 220x220cm

Een aangepast toilet met 1 transferzijde en een aangepast toilet met 2 transferzijden

 
 
 

Gebruiksruimte rond de toiletpot

De gebruiksruimten rond de toiletpot zijn afgestemd op de mogelijkheid tot het maken van een voorwaartse of zijdelingse transfer.

De transferruimte

De transferruimte laat toe dat een rolstoelgebruiker zich kan opstellen (zijn rolstoel positioneren) om een transfer naar de toiletpot te maken.

Naast de toiletpot wordt steeds minimum één (zijdelingse) transferruimte voorzien. Een universeel bruikbaar aangepast toilet heeft aan beide zijden van de toiletpot een transferruimte. De transferruimte wordt gemeten vanaf de uiterste zijrand van de toiletpot.

Transferruimte toilet

 

 

 

 

 

 

 

 

Kan men geen toilet voorzien met aan beide zijden van de toiletpot een zijdelingse transferruimte, dan is een mogelijk alternatief het aanbieden van twee aangepaste toiletten met een gespiegelde opstelling. Zo kan een gebruiker zelf kiezen voor een rechtse of linkse transferzijde.

Is de toiletpot voorzien van slechts één transferzijde, dan staat de as van de toiletpot op 40 tot 45cm van de afgewerkte wand. Dit is belangrijk om de beugels op de juiste plaats te kunnen hangen.

Aan de voorzijde van de toiletpot is een vrije ruimte van min. 120cm diep, gemeten vanaf de voorzijde van de toiletpot tot aan de tegenoverliggende wand of het sanitair toestel, zodat het ook mogelijk is om een voorwaartse transfer te maken.

De draairuimte

In de ruimte is minimaal één vrije draairuimte aanwezig, best aan de toiletpot, buiten de zone voorzien voor de andere sanitaire toestellen. Is dit niet mogelijk, dan mag de draairuimte de plaatsingsruimte van de toestellen overlappen indien de toestellen voldoende onderrijdbaar zijn (bv. de wastafel).

Zijn de toestellen bij de ontwerpfase nog niet gekend, dan wordt (om een goede situatie na afwerking te garanderen) de overlapping met de toiletpot best niet structureel opgenomen in de bepaling van de afmetingen van ruimte. Om deze reden wordt bij de ontwerpfase de vrije draairuimte steeds buiten de zone van de toestellen voorzien.

Bij het gebruik van een type hangtoilet kan de vrije draairuimte in beperkte mate onder de toiletpot gelegen zijn. We spreken echter steeds over een beperkte onderrijdbaarheid. 

Zitdiepte van de toiletpot

De diepte van de toiletpot moet toelaten dat een rolstoelgebruiker voldoende ruimte heeft om met zijn rolstoel (naast de toiletpot) tot tegen de achterwand te rijden. Op die manier kan hij zijn rolstoel voldoende diep opstellen zodat hij met het zitvlak van zijn rolstoel op dezelfde hoogte komt als de zitting van de toiletpot.

De beschikbare diepte van de toiletpot, wordt steeds gemeten vanaf de voorzijde van de toiletpot tot tegen de achterliggende wand.

De uitvoering van een hangtoilet met ingewerkte spoelbak (voorzetwand), geeft in praktijk een beperkte zitdiepte als resultaat. Een aanpassing is nodig en kan op twee manieren:

  • Voorzie een toiletpot met minimale diepte van 70cm (eventueel een verlengstuk aan de achterzijde toevoegen)
  • Zorg ervoor dat de voorzetwand onmiddellijk na het ingebouwde spoelsysteem (in de breedte) stopt, zo kan de rolstoel naast de uitspringende wand opgesteld worden.

Diepte toiletpot

Zithoogte van de toiletpot

De hoogte van het toilet, inclusief toiletbril, bevindt zich optimaal op 50cm ten opzichte van het vloerniveau.

Deze zithoogte is hoger dan een standaard toiletpot zodat het eenvoudiger is om de transfer vanuit de rolstoel te kunnen maken. Dit betekent onder andere dat ze beter  afgestemd is op de hoogte van de zitting van een rolstoel zodat de gebruiker zichzelf minder hoog moet tillen.

 
 
 

Andere toestellen in de ruimte

Een aangepast toilet heeft een wastafel in dezelfde ruimte om persoonlijke hygiëne toe te laten.

De vrije ruimte tussen de toestellen, bijvoorbeeld tussen de toiletpot en de wastafel, is minimaal 90cm, zodat een rolstoelgebruiker ertussen kan manoeuvreren om zich goed te positioneren.

Tekening vrije doorgang tussen toestellen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De toestellen rond de wastafel of de toiletpot zijn eenvoudig bruikbaar en voorzien op een goede bedieningshoogte.

Lees aanbevelingen voor wastafel.

Lees aanbevelingen voor bedieningselementen.

 
 
 

Afwerking van de toiletruimte

Voor de afwerking van het aangepast toilet is het ook van belang aandacht te besteden aan kleurcontrasten en de juiste plaatsing van de accessoires.

Vloeren van toiletruimten zijn steeds antislip. Zowel de vloer als de wand zijn afgewerkt met goed onderhoudbare materialen.

Het gebruik van contrasten in materialen en kleuren tussen de wand, deur en vloer en ten opzichte van de toestellen en accessoires draagt bij aan een eenvoudig en intuïtief gebruik.

Enter vzw - aangepast toilet

Vaste elementen aan de wand, zoals bijvoorbeeld radiatoren, mogen door hun plaatsing of opstelling geen knelpunt vormen voor het gebruik van omringende toestellen.

Ook losse objecten zoals vuilnisbakken mogen het gebruik van de ruimte en de toestellen niet hinderen. Niet iedereen kan deze zelfstandig verplaatsen.

Beugels

Beugels zorgen voor vaste steunpunten. Ze zijn niet alleen van belang voor het maken van een transfer maar ook kinderen en ouderen kunnen er zich aan optrekken of steun zoeken.

Ter hoogte van de toiletpot worden minstens twee beugels voorzien:

  • Staat de toiletpot in een hoek, dan wordt aan de gesloten zijde van de toiletpot een vaste greep bevestigd op de wand.
  • Aan de transferzijde(s) van de toiletpot zijn opklapbare beugel(s) voorzien met een lengte van 90cm. Een vaste beugel laat niet toe een transfer uit te voeren.

Beugels moeten correct geplaatst worden ten opzichte van de toiletpot. Dit, en een correcte keuze van type beugel (vast of opklapbaar), bepaalt de bruikbaarheid ervan.

Carbonhotel Genk - toilet met een vaste en een opklapbare beugel

Spoelknop

De spoelknop wordt duidelijk zichtbaar op de wand geplaatst. De positie én een goed contrast met de achterliggende wand is belangrijk.

Het drukvlak moet voldoende groot zijn, zodat ook personen met verminderde motoriek er makkelijk gebruik van kunnen maken door deze met de vuist of handpalm te bedienen.

Duwknoppen (met groter duwvlak) zijn te verkiezen boven draaiknoppen of andere systemen. Zorg ook dat de  duwweerstand niet te groot is. Dit kan een knelpunt zijn voor personen met een beperkte duwkracht en voor kinderen.

Toiletrolhouder

De toiletrolhouder moet vanuit zittende positie vanaf de toiletpot goed gebruikt kunnen worden. Ze kan bevestigd worden op de zijwand of gecombineerd met de voorziene beugel(s).

Toiletrolhouder aan de wand en aan de beugel; rugsteun voorzien aan het toilet

Noodalarm

Een alarm voor hulp integreren in de ruimte zorgt voor een grotere veiligheid. Dit alarm moet bereikbaar zijn vanaf liggende positie. Daarom wordt het geplaatst op een minimale hoogte van 40cm boven het vloerniveau.

Het alarm zorgt ervoor dat individuele gebruikers een centrale post of een meldpunt kunnen verwittigen indien zij hulp nodig hebben. Niet iedereen kan bijvoorbeeld zichzelf na een val terug vanaf de vloer omhoog trekken.

Aanvullend kan dit alarm uitgerust worden met een alarm-flits-lichtsysteem zodat ook een visueel signaal aanwezig is.

Verschillende systemen zijn op de markt in de vorm van een drukknoppen, een alarmkoord, sensorbeveiliging, enzovoort.

 
 
 

De toegang tot het toilet

Toiletdeuren vragen dezelfde ruimtelijke eisen als andere binnendeuren. Een belangrijk aandachtspunt is steeds de gebruiksruimte die nodig is om de deur te bedienen (aan de binnenzijde van de toiletdeur). Zij mag de bruikbaarheid van het aangepast toilet en zijn toestellen niet hinderen.

Jeugdhuis Genk – handgreep op de deur met iemand die hem toetrekt

Op de binnenzijde van de deur wordt een horizontale beugel geplaatst, zodat een persoon met een beperking de deur gemakkelijk kan dichttrekken. De beugel staat optimaal op een hoogte van 90cm boven het vloerniveau. De deur moet bovendien met weinig kracht te bedienen zijn.

Optimaal wordt onder de deur een opening of spleet voorzien, zodat personen met een auditieve beperking in nood kunnen communiceren, bijvoorbeeld door een stuk papier onder de deur te schuiven.

De deurkruk en het sluitsysteem zijn goed omgrijpbaar en met een eenvoudige beweging te bedienen. Ook zijn ze contrasterend met de deur, zodat deze goed terug te vinden zijn.

Net zoals in een regulier toilet draait de toiletdeur omwille van de veiligheid en bereikbaarheid in noodsituaties steeds naar buiten open.

Lees aanbevelingen voor deuren.

Lees aanbevelingen voor bedieningselementen.

 
 
 

Toilet in beeld

Zoeken
  Admin
disclaimer   •   een Holoncom Xtrasite   •    Inloggen